Gedeeld cultureel erfgoed van Nederland en Australië op Christmaseiland en Cocos Keelingeiland

Vandaag gaan we verder met het afspeuren van de zeebodem rond Christmaseiland. Het regent hard, beter gezegd: het water komt met bakken uit de hemel zoals dat alleen in de tropen gebeurt. Naast ons werk in het veld spenderen we ook tijd aan archiefonderzoek. De focus ligt momenteel op het cultureel erfgoed dat Nederland en Australië delen.

Read this blog in English.

We proberen uiteraard zo zorgvuldig mogelijk tewerk te gaan bij het in kaart brengen van de zeebodem en noteren daarom ook de locaties van alle scheepswrakken rond de eilanden. Dat is enorm handig voor degenen die deze wateren nu en in de toekomst moeten beheren.

Dirk Hartog-jaar

De zoektocht naar scheepswrakken rond Christmaseiland en Cocos (Keeling) eiland, met de Fortuyn als voornaamste doel, vindt plaats in het kader van het Dirk Hartog-jaar. Het is nu bijna vierhonderd jaar geleden dat deze Nederlandse ontdekkingsreiziger als eerste Europeaan in West-Australië aankwam. Op 25 oktober 1616 zette de Nederlandse zeevaarder Dirk Hartog voet op het meest noordelijke punt van het Zuidland, tegenwoordig bekend als Dirk Hartogeiland. Hij markeerde de plek waar hij aan land ging met een herdenkingsplaat, feitelijk niet meer dan een tinnen bord met daarop een tekst over zijn ontscheping en de naam van het schip, de Eendracht. Dit bord en de paal waarop het bevestigd was, zijn de oudste archeologische overblijfselen in Australië die wijzen op Europese aanwezigheid. Deze gebeurtenis wordt dit jaar gevierd en herdacht met activiteiten die in het teken staan van het gemeenschappelijk cultureel erfgoed van Nederland en Australië.

Photo 1Dit bord, achtergelaten door de Nederlandse ontdekkingsreiziger Dirk Hartog, is het oudste bekende artefact van de Europese ontdekking van Australië. Originele tekst: “den 25 October is hier aangecomen het schip d’Eendracht van Amsterdam, d’opperkoopman Gillis Mibas van Luyck, schipper Dirck Hertogh van Amsterdam, de 27 dito t’ zeyl gegaen na Bantam de ondercoopman Jan Stins, de opperstuierman Pieter Doekes van Bil anno 1616”

Hoewel de Fortuyn nog niet is gevonden, maakt dit schip toch deel uit van het erfgoed dat Nederland met Australië gemeen heeft. In het kader van het Maritiem Programma van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed wordt zo veel mogelijk informatie verzameld over Nederlandse scheepwrakken in de gehele wereld. Veel van deze wrakken zijn gezonken schepen van de Verenigde Oost-Indische Compagnie, de West-Indische Compagnie of van de Admiraliteit, waarvan de Nederlandse overheid nog steeds het eigendom claimt. Met de vergaarde informatie en in samenwerking met de landen waar deze schepen vergaan zijn, probeert de Rijksdienst dit maritiem erfgoed zo goed mogelijk te beheren. Want eigendom brengt ook verplichtingen met zich mee.

Rond Christmas-eiland en Cocos-eiland liggen wellicht een paar Nederlandse scheepswrakken, bijvoorbeeld de Vice Admiraal Rijk waarover we het in de vorige blog hebben gehad. Het team heeft een lijst gemaakt van in totaal 30 schepen afkomstig van overal ter wereld die (misschien) zijn gezonken rondom de twee eilanden. In de komende blogs zal ik wat meer vertellen over een aantal van deze scheepswrakken. Vandaag nog een ander vaderlands schip: De Aagtekerke.

De Aagtekerke

De 850 ton zware Aagtekerke, was een schip dat in 1724 werd gebouwd voor de VOC-Kamer Zeeland en dat tot de tweede klasse van koopvaardijschepen behoorde. Het schip was 145 voet (44 meter) lang en was uitgerust met zesendertig kanonnen en draaibassen. Op 27 mei 1725 begon het schip vanuit Rammekens aan haar eerste reis naar Batavia; kapitein Jan Witboom voerde het bevel over een 212-koppige bemanning. De vracht bestond uit handelswaar en een lading onbewerkt goud en munten die ca. 200.000 gulden waard was.
Na de Angolese haven Benguela te hebben aangedaan, reisde de Aagtekerke verder naar Kaap de Goede Hoop en ging op 3 januari 1726 voor anker voor de kust van Kaapstad. Zestien mannen waren overleden tijdens de reis en vijfenveertig zieken werden hier aan land gezet. In Kaapstad werden vers proviand en vervangende bemanningsleden aan boord genomen. De Aagtekerke ging op 23 januari weer de zee op, maar sindsdien werd er nooit meer iets van het schip vernomen. In oktober 1726 schreef de Compagnie in Batavia aan de bewindhebbers in Amsterdam dat de Aagtekerke als verloren moest worden beschouwd.

'Amsterdam' sail
De Amsterdam, waarvan een replica bij het Scheepvaartmuseum ligt, is van eenzelfde type als de Aagtekerke (bron:  Commons Wikimedia)

Zou het niet geweldig zijn als dit verloren gewaande schip 300 jaar later teruggevonden zou worden! De kans bestaat echter ook dat de Aagtekerke meer richting het vasteland van Australië is aangespoeld en niet bij de eilanden die nu onderzocht worden, aangezien zeelui op de Zeewijk (1725-1727) wrakdelen van een Nederlands schip hadden gezien op de Houtman-Abrolhos niet lang voordat hun eigen schip zonk voor de kust van West-Australië. Het vinden van scheepswrakken is vaak net zo moeilijk als het zoeken naar een speld in een hooiberg…

Robert de Hoop

Over Maritiem Programma

Het Maritiem Programma van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed houdt zich bezig met het onderzoek naar scheepswrakken, bruggen, havens en andere maritieme landschappen. Het doel is om kennis, onderzoek, beleid, samenwerking en educatie op het gebied van maritiem erfgoed in Nederland een stevige basis te geven. Het programma loopt van 2012 tot en met 2015.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s