Categorie archief: Burgzand Noord juli 2016

Duikproject bij rijksmonument Burgzand Noord succesvol afgerond

Op woensdag werd de Burgzand Noord 8 geïnspecteerd. Na het eerste onderzoek in 1998, zijn er in 2002 ook proefsleuven gegraven. In 2003 is dit wrak afgedekt met steigergaas netten en in 2005 heeft de laatste duikinspectie plaatsgevonden. Bij het gravende onderzoek is onder andere een bronzen luidklok uit 1658 geborgen, vervaardigd door Fransiscus Hemony uit Amsterdam. Daarnaast zijn ook allerlei gebruiksvoorwerpen van officieren en ambachtslieden aangetroffen. Waarschijnlijk is dit bewapende schip kort na 1658 gezonken.

 

Duiker_op_1 - foto Seger van den Brenk
Foto: Seger van den Brenk

Uit de inspectie van 2016 bleek dat delen van het boord uit de bodem steken en dat er een paar gaten in de afdekking zitten. Verder is de schade aan de fysieke beschermingslaag vergelijkbaar met de BZN 4 en BZN 10. Er is dus onderhoudswerk nodig, maar over het algemeen ziet het er goed uit. Dankzij het goede zicht kon het complete wrak bekeken worden in 1 duik. Daardoor kon in de middag alvast begonnen worden met de eerste reparaties aan de afdekking van de BZN 2.

Aan de zijkant van de wrakbult staken hier constructiedelen uit de zeebodem, daarom zijn op die plek netten steigergaas gelegd. Omdat het bijna springtij is, komt de stroming er sneller in dan afgelopen week. Hierdoor blijft er minder duiktijd over voor het team.

In de ochtend was er ook al bezoek aan boord gekomen: Seger van den Brenk van Periplus Archeomare en Roel Lauwerier (RCE). Zij zijn de hele dag meegevaren. Periplus heeft in opdracht van de Provincie Noord Holland multibeam sonar opnamen gemaakt van een aantal wrakken binnen het Rijksmonument. Deze techniek wordt hier al 15 jaar gebruikt om veranderingen in kaart te brengen. Het is op dat gebied het langslopende monitoringsonderzoek ter wereld.

Rob van Eerder en Anette Busweiler worden gebracht door Duikclub Texel - foto Seger van den Brenk
Foto: Seger van den Brenk

Tussen de duiken door kwamen ook Rob van Eerden en Annet Busweiler van de Provincie Noord Holland, partners in de pilot Texel (zie ook eMagazine Maritiem Programma), langs. De provincie is zeer betrokken bij het onderwater onderzoek in de Waddenzee en zij wilden graag zien hoe wij deze specialistische werkzaamheden verrichten. Daarnaast was het een mooie gelegenheid om ze op de hoogte te stellen van de voortgang van het veldwerk, en konden ze samen met Seger bespreken wat de resultaten waren van de multibeam sonar opnamen.

Omdat de duiktijd wat korter was geworden, bleek de hele donderdag nodig te zijn om de rest van de afdekking op de BZN 2 te plaatsen. Hoewel er nu een eerste laag is gelegd en het meeste hout is afgedekt, moet er voor een duurzame fysieke bescherming nog meer werk plaatsvinden. Ook dit zal in het rapport met aanbevelingen worden opgenomen.

De laatste dag van het project werd besteed aan het opkloppen van de steigergaas netten op de BZN 17. Nadat er maandag voor het laatst op was gedoken, bleek  nu dat er een grote hoeveelheid zand op en onder de netten lag, op sommige plekken bijna een halve meter. Hieruit blijkt maar weer eens hoe effectief het gebruik van steigergaas is om kwetsbare vindplaatsen in de Waddenzee te beschermen.

Barbecue met het team van de tweede week - foto Seger van den Brenk
Foto: Seger van den Brenk

In de komende maanden gaan alle betrokken partijen een plan opstellen wat er met deze vindplaats moet gebeuren. Alle kwetsbare delen zijn in ieder geval voorlopig goed beschermd tegen fysieke en biologische degradatie.

Thijs Coenen, maritiem archeoloog RCE

Duiken bij rijksmonument Burgzand Noord, week 2: meerdere wrakken geïnspecteerd

De eerste taak van de nieuwe week was het inspecteren van de BZN 17 na de werkzaamheden die we daar vorige week hadden uitgevoerd.

In het weekend had de afdekking al behoorlijk wat zand ingevangen. Hierdoor waren enkele delen van het net verdwenen onder het sediment. Door het steigergaas op te kloppen, zakt het zand door de mazen, waardoor het weer nieuw zand kan invangen. Al met al lag de afdekking  er nog erg goed bij. Komende vrijdag gaat de laatste duik van het project weer plaatsvinden op deze locatie, om opnieuw de netten op te kloppen.

Op dinsdag werd bij het eerste tij de BZN3 geïnspecteerd. In 2013 is in het kader van het RCE project TOPSITES de bestaande afdekking gerepareerd.

bzn3multibeam
Multibeam opname van de BZN3 vindplaats, gemaakt in 2013 (RCE)

In 2014 heeft de laatste duikinspectie door de RCE plaatsgevonden. Sportduikers hadden gemeld dat delen van deze nieuwe afdekking rondom de ankers kapot waren en dat er spanten uit het zand staken. De meest recente multibeam sonar opname, uitgevoerd in opdracht van de Provincie Noord Holland, leek dit te bevestigen.

Gelukkig bleek het grootste deel van de nieuwe afdekking nog goed te liggen. De mast lag nog helemaal onder het zand, maar een deel van het boord stak inderdaad door de netten. Ook in het zuiden, waar het voorschip ligt, staken nu constructiedelen uit het zand. Op deze locatie is onderhoudswerk dus ook noodzakelijk.

In de middag is de BZN 4 geïnspecteerd. Dit wrak, een westindiëvaarder uit begin achttiende eeuw, is in 2005 voor het laatst bedoken door de RCE. Het schip was onder andere geladen met vaten koffiebonen. Na het laatste waarderend onderzoek in 2001, waarbij een aantal proefsleuven zijn gegraven, is deze vindplaats afgedekt met steigergaas. Enkel de achtersteven, die nog volledig in verband zat, stak nog ruim twee meter uit de zeebodem.

Delen van een boord, die nooit zijn afgedekt, waren in de afgelopen tien jaar flink aangetast. Er was bijna een halve meter hout verdwenen. Opvallend genoeg stak de achtersteven nog ongeveer net zo ver uit het zand, zelfs de meetspijker en het meetpunt zaten er nog op. De rest van de afdekking lag er, op een aantal gaten na, nog goed bij. Omdat het zicht onderwater aanhoudend goed blijft, schiet het werk op.

Tot nu toe blijkt wel dat er de komende jaren onderhoudswerk aan zit te komen voor een aantal wrakken binnen dit rijksmonument. Met de resultaten van dit veldwerk wordt een plan opgesteld hoe dit moet worden uitgevoerd.

Thijs Coenen, maritiem archeoloog RCE

Burgzand Noord 17 verder verkend en voorlopig afgedekt

Sinds de presentatie van de vondsten uit de Burgzand Noord 17, ook wel het Palmhoutwrak genoemd, is er volop aandacht voor dit bijzondere wrak (zie ook website museum Kaap Skil). Maritiem archeologen van de RCE zijn deze week als onderdeel van het veldwerk bij Texel gestart met het afdekken van de meest kwetsbare delen van het wrak. Het wordt voorlopig afgedekt om het in zo goed mogelijke staat te houden. Op die manier is er tijd om in de komende maanden samen met de provincie Noord-Holland, gemeente Texel, Duikclub Texel en Kaap Skil te verkennen welke mogelijkheden er zijn om het wrak verder te onderzoeken en in kaart te brengen.

Sportduikers hadden gemeld dat er weinig veranderd was ten opzichte van vorig jaar. De recente multibeam-beelden bevestigden dit, op sommige plekken was wel wat meer sediment weg, maar andere delen waren juist meer bedekt.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

De duikinspectie van woensdag wees ook uit dat de situatie op dit moment redelijk stabiel is. Toch zijn er op enkele plekken nieuwe scheepsdelen vrij komen te liggen. Eén hiervan is waarschijnlijk de beting, een van de zwaarste constructies in een schip, waarop het ankertouw werd vastgezet. Omdat dit deel altijd hoog in een schip zit, meestal op het eerste dek, wordt het zelden onder water op zijn oorspronkelijke plek gevonden. Des te meer bewijs dat het hier om een wrak van hoge archeologische waarde gaat.

Nadat deze nieuwe onderdelen zijn ingemeten en getekend, zijn er verscheidene monsters genomen voor dendrodatering. Hopelijk kan hiermee een preciezere bouwdatum van het schip worden vastgesteld, waardoor er gerichter in de historische bronnen kan worden gezocht.

Blog 2 foto 1

Op donderdag kon er daarom begonnen worden met afdekken van de meest kwetsbare delen van het wrak. Dit zijn vooral de locaties waar kisten met lading liggen. Omdat er aanhoudend verrassend goed zicht is voor de Waddenzee, schoot het werk op. Aan het einde van de dag zijn alle netten geplaatst. Door de grote hoeveelheid zand die over en op de netten stroomt, raken de mazen na verloop van tijd echter verstopt. Daarom zal er de komende week een aantal keer teruggekeerd worden naar de BZN 17, om de netten op te kloppen. Hierdoor valt het zand er doorheen en kan er weer nieuw sediment worden ingevangen. Op deze manier ontstaat er een laag die de onderliggende kwetsbare delen beschermt tegen degradatie.

Thijs Coenen, maritiem archeoloog RCE

Onderhoud aan rijksmonument in de Waddenzee: dag 1 en 2

Archeologen van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed verrichten van 11 t/m 22 juli 2016 onderwater-werkzaamheden aan de scheepswrakken van rijksmonument Burgzand Noord bij Texel (zie persbericht). In deze serie blogs kun je de activiteiten van de archeologen, gericht op inspectie en onderhoud van de wrakken, op de voet volgen. Het veldwerk biedt ook handvatten voor de pilot die in 2015 met Duikclub Texel, provincie Noord-Holland, gemeente Texel en museum Kaap Skil is gestart. Met deze pilot willen we het onderwatererfgoed bij Texel in kaart te brengen en mogelijkheden onderzoeken voor samenwerking tussen de duikers en archeologen, zodat het erfgoed beter wordt beheerd en waar mogelijk gepresenteerd aan het publiek. 

Maandag 11 juli

Al in de ochtend bleek dat er de eerste dag te veel wind zou zijn om veilig te kunnen duiken. Daarom werd besloten de tijd te gebruiken om voorbereidingen treffen voor het werk aan de Burgzand Noord 17. Voor dit wrak, waar recentelijk een unieke 17e eeuwse japon uit tevoorschijn kwam, wordt samen met de provincie Noord-Holland, gemeente Texel, museum Kaap Skil en de sportduikers gewerkt aan een plan om in overleg te bepalen wat er mee gaat gebeuren. Omdat dit de nodige tijd kost, worden nu de meest kwetsbare delen afgedekt, zodat deze niet verder degraderen.

Vorige week zijn in opdracht van de provincie Noord-Holland nog multibeam opnamen gemaakt van een aantal wrakken binnen het Rijksmonument. Daarnaast hebben sportduikers verschillende wrakken bedoken, zodat er een zo compleet mogelijk beeld is van hoe de wrakken erbij liggen.

Dinsdag 12 juli

Dinsdag was de wind gaan liggen en kon er gedoken worden  op de Burgzand Noord 2, ook wel bekend als het Pools kanonnenwrak. In 2001 is dit wrak onderzocht door de Rijksdienst, waaruit bleek dat het om een bewapend handelsschip ging, dat vermoedelijk handelde met het Oostzeegebied. Het schip is waarschijnlijk gezonken in het derde kwart van de 17e eeuw.

Na het onderzoek is het wrak afgedekt met steigergaas. In de jaren daarna is de afdekking uitgebreid en gerepareerd. De laatste duikinspectie vond plaats in 2005, daarna is er enkel nog gemonitord met multibeam. De afgelopen jaren hebben de sportduikers er wel regelmatig op gedoken. Zij zagen dat er veel delen waren vrijgespoeld: er was weer hout zichtbaar en ze namen kapot steigergaas, gebruikt voor de afdekking, waar.

Daarom is besloten om tijdens het veldwerk van dit jaar ook dit wrak te inspecteren. Er zijn op dinsdag twee tijen op gedoken. Hieruit bleek dat er inderdaad grote delen van het wrak vrij zijn gespoeld. Verschillende houten structuren en scheepsonderdelen steken nu uit het sediment. Andere delen zijn echter nog steeds goed bedekt met sediment, hier kon niet worden vastgesteld of het steigergaas eronder nog intact was. Uit de inspectie bleek bovendien dat er alleen delen zijn vrijgespoeld, die bij eerder onderzoek ook zijn gezien. Er zijn dus geen nieuwe wrakonderdelen gezien.

Helaas bleek het door de grote hoeveelheid weggespoeld zand dat het niet mogelijk zou zijn om alles weer goed af te dekken tijdens dit project. Er zijn nu wel genoeg waarnemingen gedaan, zodat er een goed plan gemaakt kan worden hoe dit wrak weer fysiek beschermd kan worden.

Thijs Coenen, maritiem archeoloog (RCE)