Category Archives: Zoektocht naar de Fortuyn 2016

Cocos Keeling islands: Searching for ivory as indicator to wrecks

Lees deze blog in het Nederlands

The Wreck Check team were conscious that the 7-day stay on Cocos Keeling Islands was a narrow window of survey opportunity, but luckily we were able to go out on the water everyday. North Keeling, the top survey priority, is 28 km due north from the main atoll and the gap between each island is subject to deep ocean swells. Operating out of the six-meter-long Park’s boat Pulu Bill the journey was bouncy at times as we punched into deep ocean swells.

We surveyed a lot of parts of the island with the magnetometer again and besides that we visited sites of known wrecks to document them using photogrammetry and by doing corrosion measurements. One of the highlights of this week was diving on the SMS Emden, see the previous blog.

Monday was the last day of fieldwork on Cocos Island and for this season. We have completed the survey around Turks Reef and Horsburgh Island. Except for our first day on the water, over the week on Cocos Island we have contended with 10-15 knot SE winds and swell 1-2 meters. This has definitely limited our opportunities to survey and dive in our target areas. To exacerbate the difficulties, targets in the 6 – 8 meter depth contour around the atoll are usually just out of the surf zone making safe access and exit enormously problematic in large swell. Besides Turks Reef and Horsburg Island we were able to survey the south and parts of the west side of West Island, the north and west side of Direction Island. These were the most important parts of the island to survey as ships would have passed here because of the shipping route at that time.

The Cocos-Keeling Islands.

As always we have worked hard to achieve what could be done within the parameters of weather. Work inside the lagoon is possible and several sites have been dived and surveyed when weather has driven us back into the lagoon. We dived a SIEV (Suspected Illegal Entry Vehicle) that was found last year, a working barge, an unidentified wreck that we think is the Robert Portner. and we also snorkeled at the Phaeton wreck site. At all these sites we took pictures and video for photogrammetry and where possible with the current and swell we also did corrosion measurements.

While information collected from the Emden continues to be worked up our primary quest to search for the Fortuyn has been heavily impacted. Progress was made on following up on a report to the Queensland Museum in the 1980’s of a discovery of an elephant tusk at the southern end of the runway on West Island. This is relevant because another VoC shipwreck the Aagtekerke is reported as carrying elephant tusks. The team were able to walk the beach area and surveyed directly off shore with the magnetometer.

On the last day we were are all packing, backing up data and getting ready to fly home. Still, in the time left in the morning Graeme and Andy managed to squeeze in talking to four classes ranging from Kindergarten to grades 3-4 on Home Island. Some great questions and lots of good engagement from the students.

Team member Andrew Viduka talking to the school kids on Home Island.
Team member Andrew Viduka talking to the school kids on Home Island.

While the next steps for the team are to process collected data over the coming months from the magnetometer surveys, the photogrammetry and the corrosion measurements, we would now like to recognize the wonderful support of our partner, sponsors and supporters who enabled this fieldwork to be undertaken. Our research partner the Maritime Programme of the Netherlands Ministry of Culture, The Embassy of the Kingdom of the Netherlands in Australia, Silent World Foundation, Parks Australia and the Australian Government Department of the Environment. We would also like to recognize the excellent contribution to this years fieldwork by Shinatria Adhityatama (ARKENAS, Indonesia) and Robert de Hoop (University of Southern Denmark). Without the significant support of the Maritime Programme of the Netherlands Ministry of Culture their attendance would not have been possible. Special thanks to Rob Muller, Ishmael MacRae and Trish Flores of Parks Australia for the assistance.

Cocos Keeling: Zoeken naar ivoor als indicator van wrakken

Read this blog in English!

Het archeologische team was zich ervan bewust dat hun 7-daagse verblijf op Cocos Keeling Islands maar weinig ruimte bood om metingen uit te voeren. North Keeling, het belangrijkste onderzoeksdoel, ligt 28 km pal ten noorden van het grootste atol en tussen de eilanden is er sprake van grote oceaandeining. Met onze boot, de slechts zes meter lange Pulu Bill van Parks Australia, stuiterden we soms over het water, zo ruig waren de golven.

Maandag was de laatste dag veldwerk op Cocos Island, althans voor het moment. We hebben de onderzoeksmetingen rond Turks Reef en Horsburgh Island afgerond. Met uitzondering van onze eerste dag op het water hebben we de afgelopen week rond Cocos Island te maken gehad met een zuidoosten wind variërend van 10 tot 15 knopen en een deining van 1 à 2 meter. Dit heeft ons aanzienlijk beperkt in onze mogelijkheden om metingen uit te voeren en te duiken op de beoogde locaties. Wat de problemen nog verergerde, was het feit dat onze doelen zich op een diepte van 6 tot 8 meter rond het atol bevinden. Dit betekent dat ze meestal net buiten de branding liggen, waardoor het bij sterke golfslag enorm lastig is om er veilig naar toe te varen en weer veilig terug te keren.

The Cocos Keeling Islands
The Cocos Keeling Islands

Zoals altijd hebben we hard gewerkt om zo veel mogelijk taken gedaan te krijgen, gegeven de lastige weersomstandigheden. Werken binnen de lagune was in elk geval wel mogelijk: op dagen dat het weer ons dwong in de lagune te blijven, hebben we op een aantal locaties metingen uitgevoerd en gedoken. We zijn nog steeds bezig met het uitwerken van de gegevens die we over de Emden hebben verzameld, maar helaas heeft de zoektocht naar de Fortuyn – ons belangrijkste doel – nogal wat te lijden gehad onder de weersomstandigheden. We hebben wel vooruitgang geboekt naar aanleiding van een melding die het Queensland Museum in de jaren ’80 heeft ontvangen over de ontdekking van een olifantenslagtand aan de zuidkant van de landingsbaan op West Island. Dit is relevant, omdat een ander VOC-scheepswrak, de Aagtekerke, naar verluidt een lading slagtanden vervoerde. Het team is het strand afgelopen en heeft rechtstreeks vanaf de kust metingen uitgevoerd met de magnetometer.

Teamlid Andrew Viduka in gesprek met de schoolkinderen op Home Island
Teamlid Andrew Viduka in gesprek met de schoolkinderen op Home Island

De volgende stappen voor het team betreffen vooral het uitwerken van de verzamelde gegevens in de komende maanden. Benieuwd wat daar uit gaat komen! De meeste teamleden bij dit veldwerk zijn afkomstig van WreckCheck Inc (, een non-profitorganisatie van Australische archeologen. Dit onderzoek was echter niet mogelijk geweest zonder de geweldige steun van onze partners, sponsors en andere organisaties en mensen die ons gesteund hebben. Onze dank gaat dan ook uit naar onze onderzoekspartner, het Maritiem Programma van het Nederlandse ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW), de ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden in Australië, Silent World Foundation, Parks Australia en het Australische ministerie van Milieuzaken. We zijn enorm erkentelijk voor de uitmuntende bijdragen die Shinatria Adhityatama (ARKENAS, Indonesië) en Robert de Hoop (een Nederlandse masterstudent Maritieme Archeologie aan de universiteit van Zuid-Denemarken) hebben geleverd aan het veldwerk dit jaar. Zonder de aanzienlijke steun van het Maritieme Programma van het Nederlandse ministerie van Cultuur hadden zij niet aan het onderzoek deel kunnen nemen. Speciale dank ook aan Rob Muller, Ishmael MacRae en Trish Flores van Parks Australia voor alle geboden hulp.


The SMS Emden

Lees hier de blog in het Nederlands.

On Tuesday we left Christmas Island and went to the Cocos-Keeling Islands. The Cocos-Keeling Islands are a group of 27 coral islands that are located in the Indian Ocean approximately 2700 km north-west of Perth. The main islands form a typical horseshoe-shaped atoll surrounded by a coral reef. Each island has rough coral beaches to seaward and sandy beaches on the lagoon side. The islands are low lying and most are thickly covered with coconut palms. Wildlife on the islands consists mainly of seabirds. Just like on Christmas Island, land crabs are common on all islands and the surrounding reefs support a diverse range of corals, fish and other marine organisms.

Surveying again!
Surveying again!

After the team unpacked and setup base at ‘The Castle’, we started doing a magnetometer survey again. After that we snorkeled the Phaeton wreck. The Phaeton was built at Sunderland (UK) in 1868 as a composite ship (timber planking over iron frames) and was 46 meter long. It wrecked in Cocos in 1889 while carrying a cargo of copra from Cocos Island back to Europe. At about half past five on the morning of the 25 September the Phaeton was discovered to be on fire. The fire force pump was in the area of the fire and could not be reached safely and the vessel could not be saved. To avoid blocking the entrance to the lagoon, the Phaeton was run aground in its present position, broken up and salvage. We hope to make a 3D photogrammetry model of the remains of the Phaeton using photos and video we made.

North Keeling and the SMS Emden

Besides looking for the Fortuyn and the Aagtekerke one of our objectives here is to properly record the SMS Emden. This German light cruiser was at her home port of Tsing-Tau in China at the outbreak of World War 1. She was on her way on the 6th of August with orders to her captain Von Muller to destroy as much allied ships as possible. Her rampage in the Indian Ocean was brief but spectacular as she managed to sink 15 merchant ships, a Russian cruiser and a French destroyer in less than two months!

Early on the morning of November 9th the Emden appeared off the Cocos-Keeling Islands, and sent a landing party of three officers and forty-two men ashore to dismantle the cable station that was there. While they were at work the Australian cruiser HMAS Sydney arrived. Although the Emden’s gunnery was excellent and her opening salvo scored a direct hit on the Sydney, she was no real match for the larger ship. Within two hours, she was out of action, and hopelessly disabled. It was then about noon, and the Sydney left her to chase a captured merchantman which had been acting as an escort for the Emden. On her return, about 4.00 pm, she found the Emden still flying her colors, but unable to move. The Sydney signaled to her to surrender, but received no answer, and finally fired several further rounds at her. Only then did von Muller strike his flag. By this time the Emden was blazing furiously amidships, and in an attempt to save as many of his crew as possible he drove her on to the reef fringing the south coast of North keeling.

North Keeling is located approximately 27 km from the main group of islands and is thus quite remote and not a lot of people go there. It was really special to be able to dive there and see the remains of the vessel, because although it has been partly salvaged there is still a lot left of it as you can see on the photos we took. One of our team members even went on the island with Triss from Parks Australia, to document the remains of the vessel on land! Just as with the Phaeton we hope to make a nice 3D photogrammetry model of the ship to get a good overview of the site. We also documented what still remains of the vessel and did a corrosion measurement.

In the following days we will continue our survey for the Fortuyn and the Aagtekerke. We will keep you updated as good as we can with the limited internet access we have here..


De SMS Emden

Read this blog in English!

Op dinsdag verlieten we Christmas Island en gingen we naar de Cocos-Keeling Islands, een groep van 27 koraaleilanden in de Indische Oceaan zo’n 2.700 km ten noordwesten van Perth. De hoofdeilanden vormen een atol met een typische hoefijzervorm dat omringd is door een koraalrif. Elk eiland heeft ruwe koraalstranden richting de open zee en zandstranden aan de lagunekant. De eilanden zijn laag en de meeste zijn dicht begroeid met kokospalmen. Wild op de eilanden bestaat voornamelijk uit zeevogels. Net als op Christmas Island komen hier op alle eilanden veel landkrabben voor en het rif rond de eilanden herbergt allerlei koralen, vissen en andere mariene organismen.

Weer aan het meten!

Zodra het team alles had uitgepakt en zich geïnstalleerd had in ‘The Castle’ gingen we opnieuw metingen uitvoeren met de magnetometer. Daarna snorkelden we naar het wrak van de Phaeton. De Phaeton werd in 1868 gebouwd in de Engelse stad Sunderland; het was een zogeheten composietschip (gemaakt van houten planken die op een stalen frame worden bevestigd) met een lengte van 46 meter. In 1889 leidde de Phaeton schipbreuk bij Cocos, terwijl het een lading kopra van Cocos Island terug naar Europa vervoerde. Op 25 september ontdekte men rond half vijf ‘s ochtends dat de Phaeton in brand stond. De brandbluspomp bevond zich in het gedeelte waar de brand woedde en kon niet op een veilige manier worden bereikt, met als gevolg dat het schip niet gered kon worden. Om te voorkomen dat de toegang tot de lagune werd geblokkeerd, liet men de Phaeton op haar huidige plek vastlopen en werd het schip opengebroken en geborgen. We hopen dat we een 3D-fotogrammetriemodel van de resten van de Phaeton kunnen maken met behulp van de foto’s en video die we gemaakt hebben.

North Keeling en de SMS Emden

Naast het zoeken naar de Fortuyn en de Aagtekerke is een van onze doelen hier om de SMS Emden goed vast te leggen. Deze Duitse lichte kruiser lag in zijn thuishaven Tsing-Tau in China toen de eerste wereldoorlog uitbrak. Het schip voer op 9 augustus uit, met orders voor kapitein Von Muller om zo veel mogelijk schepen van de geallieerden onklaar te maken. Deze kruiser voerde een korte maar spectaculaire strijd in de Indische Oceaan: de Emden slaagde erin om in minder dan twee maanden tijd vijftien koopvaardijschepen, een Russische kruiser en een Franse torpedobootjager te vernietigen!

In de vroege ochtend van 9 november doemde de Emden op voor de kust van de Cocos-Keeling Islands; drie officieren en 42 manschappen werden aan land gestuurd om het telegraafstation op het eiland te ontmantelen. Terwijl ze daarmee bezig waren, kwam de Australische kruiser HMAS Sydney aan. Hoewel de Emden over een uitstekend geschut beschikte en het schip met het openingssalvo de Sydney meteen wist te raken, was het toch geen partij voor het grotere schip. Binnen twee uur was de Emden uitgeschakeld en lag het schip hopeloos in puin. Dat was rond het middaguur en de Sydney liet de Emden achter om een buitgemaakt koopvaardijschip, dat als een escorte voor de Emden had gefunctioneerd, te pakken te krijgen. Toen de Sydney rond vier uur ’s middags terugkeerde, hing de vlag van de Emden nog in de mast maar was het schip niet in staat om te varen. De Sydney gaf het signaal dat de bemanning zich over moest geven, maar toen er geen antwoord kwam, werden er nog enkele salvo’s op de Emden gevuurd. Pas daarna besloot Von Muller de vlag te strijken. Tegen die tijd sloegen er op de Emden midscheeps al enorme vlammen uit. In een poging om zo veel mogelijk bemanningsleden te redden, stuurde de kapitein het schip richting het rif voor de zuidkust van North Keeling.

North Keeling ligt ongeveer op 27 km van de hoofdeilanden van de Cocos-Keeling groep en omdat het behoorlijk afgelegen ligt, gaan er niet veel mensen heen. Het was dan ook heel bijzonder om op die plek te duiken en de resten van het schip te zien liggen. Ondanks dat het schip al deels is geborgen, is er nog een hoop achtergebleven – zoals je kunt zien op de foto’s die we hebben gemaakt. Een van onze teamleden is zelfs samen met Triss van Parks Australia het eiland op geweest om de resten van het schip op het land te documenteren! Net als bij de Phaeton hopen we een mooi 3D-fotogrammetriemodel van het schip te kunnen maken om een goed overzicht van de locatie te krijgen. We hebben vastgelegd wat er nog over is van het schip en ook een corrosiemeting uitgevoerd.

In de komende dagen gaan we verder met het zoeken naar de Fortuyn en de Aagtekerke. We zullen jullie zo goed mogelijk op de hoogte houden met de beperkte internetverbinding die we hier hebben…


More insight in the thirty shipwrecks around Christmas Island

We are now reasonably confident that the 1724 Fortuyn does not lie between 0-30 meters in the water off Christmas Island. We have re-run the priority areas on the south-west side of the island with a more sensitive magnetometer (for detecting magnetic iron objects such as anchors and cannon) than we employed in 2015. Divers have visually inspected all of the promising anomalies without seeing cultural material. Some of the anomalies have been discounted because they appear to have been affected by the magnetic basalt rock forming the core of the island.

We did some more photogrammetry in the last couple

We did some more photogrammetry in the last couple of days to hone our skills. This time we tried to do an object underwater and chose a mooring anchor. The computer is still crunching the data so we’ll show you the result in the next blog!

Christmas Island is fringed with a thick underwater coral platform. Its width varies and most of it slopes gently before curving steeply downward into the depths. During the last two weeks we have been following up on stories from the Dutch Facebook followers and the Christmas Island community about other shipwrecks here or nearby, in particular the Dutch ships, the 1100 ton Arinus Marinus wrecked in 1821 and the 500 ton Vice Admiraal Rijk wrecked in 1852, but also a lot of others.

The Dutch ship named the Vice Admiraal Rijk was lost on the south-west side of the island in 1852. Three men survived, managing to scale the cliffs and living ashore on raw seabirds for 57 days before being rescued by another passing ship. One of the three men left a detailed account of the wreck and his experience on the island. Around midnight the ship crashed onto the cliffs on the north side of the south-west point, breaking a large hole in the bow before turning out from the cliffs and immediately sinking entirely below the waves, with all sails still set.

We regard the Vice Admiraal Rijk as a useful model for assessing what would have happened to the Fortuyn if it struck the south-west coast. So we placed a major focus on inspecting the north side of the south-west point, carrying out a visual inspection of the anomalies and then swimming abreast along the coral platform. We saw no wreckage.

We inspected all the anomalies on the north side of the south-west point using divers and then swam abreast along the coral platform

The coral covering on the Eisvold, a 1942 shipwreck elsewhere on the island, is up to 0.5 meters thick, and coral would be expected to conceal smaller cultural objects on a wreck on south-west point. However, if the Vice Admiraal Rijk had broken up on the platform we should have seen objects such as large anchors protruding above the coral. Much of the platform there is only around 50 meters wide, with a vertical drop off into some 90 meters water depth. The Vice Admiraal Rijk must have slipped over the precipice without first breaking up.

Much of the platform is only around 50 meters wide, with a vertical drop off into some 90 meters water depth

Our theorizing, about whether a vessel striking the cliffs would break up against the cliffs or bounce back from the cliffs and slide off the platform into deep water, was based on accounts of the sinking in 2010, near Flying Fish Cove, of the asylum boat SIEV 221. Residents saw that that vessel was trapped between the swells and the backwash, in a ‘washing machine’ effect.

At the south-west point we saw a lot of small pieces of plastic bags suspended in the water column –  plastic brought from Indonesia on southerly water currents, then trapped close to the cliffs in the same washing machine effect. It appears then, that this would trap small items such as plastic bags, and even a medium sized object such as the SIEV 221 (a light wooden fishing vessel probably under 20 metres). However, probably not such a large object as the 35-metre hull of the Vice Admiraal Rijk. If this wreck has not been trapped by the violent pushing of the waves and swells, then probably the larger, 800 ton and 44-metre long Fortuyn wouldn’t either and may have slipped well beyond the 30-metres depth limit of our search.

At the south-west point we saw a lot of small pieces of plastic bags suspended in the water column – plastic brought from Indonesia on southerly water currents, then trapped close to the cliffs in the washing machine effect

Will we ever know? There is a slight chance of finding the wreck at Cocos Keeling. We will find out in the next coming week! The diving on Christmas Island gave us lot of new insights on other – some of them also Dutch – wrecks and a list of 30 shipwrecks that may have been foundered close to Christmas Island. School children have been taught about their past and the students on the project, me and Shinatria, have had a great time so far, learning enormously about the search for shipwreck. But we are not ready yet!

Cocos Keeling, here we come!




Dertig scheepswrakken rond Christmaseiland beter in beeld

We kunnen nu met redelijke zekerheid stellen dat de in 1724 vergane Fortuyn niet op een diepte van 0 tot 30 meter voor de kust van Christmaseiland ligt. We hebben de belangrijkste gebieden aan de zuidwestkant van het eiland nogmaals onderzocht, en wel met een gevoeligere magnetometer (voor het detecteren van ijzeren voorwerpen zoals ankers en kanonnen) dan het instrument dat in 2015 voor dit doel werd gebruikt. Duikers hebben alle veelbelovende afwijkingen visueel gecontroleerd zonder dat ze enig cultureel materiaal hebben aangetroffen. Een aantal van de afwijkende metingen kunnen we wegstrepen, omdat ze beïnvloed blijken te zijn door de magnetische basaltrotsen die de kern van het eiland vormen.

We hebben de laatste dagen nog wat fotogrammetrie uitgevoerd om ons verder te bekwamen in deze techniek. Dit keer hebben we geprobeerd om een voorwerp onder water vast te leggen en daarvoor hadden we een anker uitgekozen. De computer is nog steeds bezig met het verwerken van de gegevens; het resultaat krijg je in de volgende blog te zien!

Christmaseiland is omringd door een dik koraalplateau dat onder water ligt. De breedte van dit plateau varieert en het grootste gedeelte loopt geleidelijk af voordat er een steile afgrond naar diep water volgt. In de afgelopen twee weken hebben we veel input gekregen van Nederlandse volgers van onze Facebook-pagina en van de gemeenschap op Christmaseiland. Zij hebben ons informatie verstrekt over andere scheepswrakken hier of in de buurt – vooral van Nederlandse schepen zoals de 1100 ton zware Arinus Marinus die in 1821 is gezonken en de 500 ton wegende Vice Admiraal Rijk die in 1852 is vergaan – maar ook van een hoop andere schepen.

Het Nederlandse schip Vice Admiraal Rijk ging in 1852 verloren aan de zuidwestkant van het eiland. Drie mannen overleefden de ramp en slaagden erin aan land te komen door de kliffen te beklimmen. Ze leefden 57 dagen lang op rauwe zeevogels, totdat ze door een toevallig passerend schip werden gered. Een van de drie mannen heeft een gedetailleerd verslag van het scheepswrak en zijn ervaringen op het eiland nagelaten. Rond middernacht sloeg het schip op de kliffen aan de noordkant van de zuidwestpunt, waardoor er een groot gat in de boeg ontstond. Het schip wist nog van de kliffen af te draaien maar verdween onmiddellijk daarna volledig onder de golven, met alle zeilen nog gehesen.

We beschouwen de Vice Admiraal Rijk als een bruikbaar model om te bepalen wat er gebeurd zou kunnen zijn als de Fortuyn op de zuidwestkust van het eiland is geslagen. Daarbij hebben we ons voornamelijk gericht op de noordkant van de zuidwestpunt, waar we een visuele inspectie van de plekken met afwijkende metingen hebben uitgevoerd; vervolgens zijn we dwars over het koraalplateau gezwommen. We hebben geen wrak gezien.


We hebben duikers alle afwijkende metingen aan de noordkant van de zuidwestpunt laten controleren en zijn vervolgens dwars over het koraalplateau gezwommen.

De Eisvoldt, een schip dat in 1942 is vergaan op een andere plek op het eiland, ligt bedekt onder een laag koraal van maximaal 0,5 meter dikte. Je zou verwachten dat kleine culturele voorwerpen op een veel ouder wrak aan de zuidwestpunt eveneens door koraal aan het oog worden onttrokken. Maar als de Vice Admiraal Rijk op het plateau was gebroken, hadden we voorwerpen zoals grote ankers boven het koraal uit moeten zien steken. Een groot deel van het koraalplateau is daar slechts 50 meter breed, met een afgrond naar een diepte van zo’n 90 meter. De Vice Admiraal Rijk moet over de rand geglipt zijn zonder dat het schip eerst in tweeën is gebroken.


Een groot deel van het koraalplateau is slechts ca. 50 meter breed, met een afgrond naar een diepte van zo’n 90 meter.


Op basis van de verslagen over de vluchtelingenboot SIEV 221 die in 2010 vlakbij Flying Fish Cove is gezonken, hadden we de volgende theorie opgesteld: een schip dat tegen de kliffen slaat, zal ofwel in tweeën breken ofwel terug “stuiteren” van de kliffen en van de rand van het plateau afglijden naar diep water. Bewoners hadden gezien dat de vluchtelingenboot in een soort ‘wasmachine-effect’ gevangen zat tussen de beukende golven en de terugslag van de golven die op de kust braken.

Bij de zuidwestpunt zagen we veel resten van plastic tassen die in de waterkolom zweefden – plastic dat vanuit Indonesië op zuidelijke stromingen is meegenomen en vervolgens door het ‘wasmachine-effect’ vlak bij de kliffen gevangen is komen te zitten. Blijkbaar kunnen hier kleine items zoals plastic tassen, maar ook een middelgroot voorwerp zoals de SIEV 221 (een lichte, houten vissersboot minder dan 20 meter lang), blijven steken. Het is echter niet erg waarschijnlijk dat dit ook geldt voor een groot voorwerp zoals de 35 meter lange scheepsromp van de Vice Admiraal Rijk. Als dit wrak niet vast is komen te zitten door de beukende golven en hun terugslag op de kust, dan zou dit zeker niet gebeurd zijn met de Fortuyn, die 44 meter lang was en 800 ton woog. De kans bestaat dan ook het schip veel dieper is gezonken dan 30 meter en daarmee buiten ons bereik ligt.


Bij de zuidwestpunt zagen we veel resten van plastic tassen die in de waterkolom zweefden – plastic dat vanuit Indonesië op zuidelijke stromingen mee is genomen en vervolgens door het ‘wasmachine-effect’ vlak bij de kliffen gevangen is komen te zitten

Zullen we het ooit te weten te komen? Er is een hele kleine kans dat we het wrak bij Cocos Keeling zullen vinden. Dat gaan we de komende weken ontdekken! Het duiken op Christmaseiland heeft ons veel inzicht gegeven in andere wrakken – sommige eveneens van Nederlandse oorsprong – en we hebben nu een lijst van 30 scheepswrakken die in de buurt van Christmaseiland zijn gezonken. Schoolkinderen hebben van alles over het verleden geleerd en de studenten die betrokken zijn bij het project, Shinatria en ondergetekende, hebben tot nu toe een geweldige tijd gehad. We hebben enorm veel geleerd over het zoeken naar scheepswrakken, maar we zijn nog niet klaar!

Cocos Keeling, here we come!

Robert de Hoop



Remote sensing & de Big Blue

Read this blog in English!

Remote sensing

Een cruciaal element van het project is het zogeheten ‘remote sensing’. Ons doel is om gegevens te verzamelen, verwerken, analyseren en interpreteren en vervolgens te gaan duiken op specifieke locaties.

De gegevens hebben we op zee verzameld met behulp van een magnetometer. Dit instrument meet verstoringen in het aardmagnetisch veld als gevolg van de aanwezigheid van ijzer (of ijzerhoudend materiaal) op of onder de zeebodem. De magnetometer hangt aan een kabel achter de boot in het water. Via deze kabel worden er metingen omhoog gestuurd naar een tablet, waarna de gegevens worden vastgelegd en de positie wordt bepaald (met een GPS).

Photo 1

Foto 1: De resultaten van magnetische testen boven een bekend scheepswrak, de Eidsvold, op Christmas Island. De afbeelding links toont duidelijke verstoringen in het aardmagnetisch veld die worden veroorzaakt door de aanwezigheid van het wrak. De drie lijnen geven het traject aan dat de boot heeft gevaren. De afbeelding rechts toont een profiel van een vaarlijn (ook wel lodingslag of ‘transect’ genoemd) die door de waarneming loopt en de kenmerkende ‘dipool’.

De tablet helpt de schipper ook om precies langs de vooraf bepaalde lijnen te varen, de zogeheten lodingslagen of transecten. Deze lijnen zijn zorgvuldig bewerkt in cartografische software, zodat ze recht zijn en parallel lopen. De nauwe afstand tussen de lijnen is nodig om alles goed in kaart te kunnen brengen.

Als de gegevens eenmaal aan land zijn, worden ze bekeken met speciale software die op onze laptops is geïnstalleerd. Tijdens deze fase kunnen ook het aardmagnetisch veld en eventuele ontdekte verstoringen worden weergegeven. De volgende stap is het interpreteren van de gegevens.

Photo 2

Foto 2: Een magnetische anomalie (afwijking) die ontdekt is tijdens het uitwerken van de gegevens die met ‘remote sensing’ zijn verzameld. De afwijking is duidelijk te zien aan de vage contourlijnen naast de dieptelijnen. Deze anomalie bedraagt ongeveer 85 bij 160 meter.

Er wordt een lijst met potentiële locaties opgesteld en de meest veelbelovende plekken worden nader geanalyseerd. Dankzij cartografische software kunnen de duikers op zeer precieze locaties worden ingezet. Er worden cirkelvormen gemaakt en in de cartografische software gezet. Zo krijgen we een zeer nauwkeurige indicatie van de dieptes en dat is cruciaal bij het plannen van de duiken; in dit geval wordt er in een cirkelpatroon gedoken (vandaar de cirkelvormen).

Deze positiegegevens worden vervolgens ingevoerd op de tablet, zodat de schipper de boot heel precies naar elke doellocatie kan navigeren.

Photo 3

Foto 3: Cartografische en andere speciale software waarmee magnetische isometrische lijnen (zwart) en magnetische afwijkingen (blauw en geel) kunnen worden samengevoegd met bathymetrische contourlijnen (wit) en geplande duiken die worden uitgevoerd in cirkelpatroon (rood).

Dankzij dit volledige overzicht, uitgewerkt door Alex Moss en James Parkinson, is het team in staat te reageren op informatie die in het veld is verzameld – een soort ‘reflexieve methodiek’.

Een-na-laatste dag duiken op Christmas Island

‘Drijfnat’ is de beste manier om te beschrijven hoe we ons voelen na de afgelopen paar dagen. Zowel tijdens het duiken als op de boot waren we telkens kletsnat. Soms regende het zo enorm hard dat je je droger voelde in het water dan erbuiten! Helaas is onze tijd op Christmas Island bijna voorbij en hebben we nog geen archeologisch materiaal ontdekt dat ons dichter bij de Fortuyn zou kunnen brengen. We hebben geen tijd meer, hoewel we nog niet alle magnetische afwijkingen al duikend hebben kunnen verkennen. We blijven hoop houden …

DCIM100GOPROGOPR3506.Foto 4: Hier zie je mij omlaag gaan langs de afdaallijn.


Foto 5: Alex Moss bezig met een duik in cirkelpatroon tot op 30 meter diepte. De andere duiker houdt de lijn op 15 meter en zorgt ervoor dat de lijn niet vast komt te zitten.

Vandaag hebben we voor de westkust gedoken. Omdat de zee erg rustig was, konden we al zwemmend metingen uitvoeren; zo zijn we van Egeria Point noordwaarts richting Winifred Beach gegaan. Hoe moeilijk het is om een locatie te vinden binnen het 30 meter dieptebereik dat wij als duikers hebben, werd overduidelijk tijdens deze meetklus: meerdere malen kwamen we een steile afgrond naar veel grotere dieptes tegen, terwijl we ons op een afstand van niet meer dan 50 meter buiten de kust bevonden. Dat is wel een heel klein continentaal plat waar een scheepswrak (of delen ervan) op zou kunnen blijven liggen!


Foto 6: Graeme en Shinatria na hun in een cirkelpatroon uitgevoerde duik.


Foto 7: Het scheepswrak de MV Eidsvold is een prachtige duikplek!

Onze volgende blog is de laatste blog vanaf Christmas Island, voordat we doorreizen naar Cocos Keeling. Blijf ons volgen!


Remote sensing process & the big blue

Lees deze blog in het Nederlands

Remote sensing

A crucial element in the project is the remote sensing process. The aim is to acquire, process, analyze and interpret the data and to let this follow by diving on targeted locations.

We have acquired the data with a seaborne magnetometer. This device measures distortions in the natural earth’s magnetic field through the presence of iron (or ferrous) material on or under the seabed. The magnetometer is towed on a cable behind the survey vessel, sending readings up the cable to a tablet, which logs the data and provides positioning through a GPS.

Photo 1

Photo 1: The results of magnetic testing over know iron wreck site, Eidsvold, at Christmas Island. The image on the left clearly show distortions in the earth’s magnetic field, caused by the presence of the wreck. The three lines show the track of the survey vessel. The image on the right show a profile of a transect line across the sight with the clear characteristic ‘dipole’.

The tablet also helps the skipper to navigate along per-positioned lines called transects. These lines have been carefully arranged in mapping software to be straight, and parallel. Narrow line spacing is required to allow sufficient coverage.

Once the data is brought back ashore, it is reviewed on laptops with specialized software. This process allows for the earth’s magnetic field to be displayed and any distortions detected. Interpretation happens next.

Photo 2

Photo 2: A magnetic anomaly discovered in the post-processing phase of the remote sensing component in the search. The anomaly is clearly seen in the paler contour lines, along with depth contour lines. This anomaly is approximately 85 by 160 meters.

A list of potential sites is produced, and the most promising analyzed more closely. Mapping software allows for the precise positioning for the deployment of divers. Circular shapes are created and placed within the mapping software, which gives a very accurate indication of depths, and can thus inform the dive plan. In this case planning for circular dive searches.

This positioning information is then fed into the tablet, enabling precise navigation to each target.

Photo 3

Photo 3: Mapping and other specialized software enable the blending of magnetic isometric lines (black) and magnetic anomalies (blue and yellow), with bathymetric contour lines (white) and planned circular dive searches (red).

The entire work flow, carried out by Alex Moss and James Parkinson enables the team to react to information gathered in the field, a sort of ‘reflexive methodology’.

Penultimate day of diving on Christmas Island

Waterlogged is the best way to describe the way we all feel after the last few days. Whether diving or on the boat we have been wet. Some rain showers were so strong it was a drier feeling in the water than out of it! Sadly, our time on Christmas Island is coming to a close and we have not discovered any archaeological material that would bring us closer to the Fortuyn. While we have not yet managed to dive all the identified magnetic anomalies our time is running out. But let’s keep our fingers crossed.

DCIM100GOPROGOPR3506.Photo 4: Me descending down the shotline.

DCIM100GOPROGOPR3534.Photo 5: Alex Moss doing a 30 meter circular search. The other diver holds the line at 15 meter and makes sure the line doesn’t get caught.

Today we dived sites off the West coast and because of the very calm conditions were able to swim survey from Egeria Point northwards to Winifred Beach. The difficulty of finding a site in the 30 meter depth range available to us as divers was made very evident during that transect, as several times we encountered a vertical drop off to far greater depths not more than 50 meters from the coastline. A very small shelf for a shipwreck or shipwreck debris to stay attached to!

DCIM100GOPROPhoto 6: Graeme and Shinatria after their circular search.


Photo 7: The MV Eisvold shipwreck is a beautiful place to dive!

Our next blog will be the last from Christmas Island, before we go to Cocos Keeling. Stay tuned!

Community involvement and diving

Lees deze blog in het Nederlands

The very generous involvement of members of the international online community has been fundamental to the progress of the Closing in on the Fortuyn project. Thomas Creemers has sent information from the Netherlands that has fundamentally broadened the list of shipwrecks and the scope of team’s activities on Christmas Island.

Until recently the list of ships known and likely to have wrecked on and around Christmas Island consisted of the Fortuyn (1724), an unnamed Dutch shipwreck (prior to 1744), the Norwegian MV Eidsvold (1942), the Japanese Nissei Maru (1942), the Indonesian asylum boats SIEV X (2001) and SIEV 221 (2010) and the Panamanian registered MV Tycoon (2012).

Thomas has sent the team a wealth of information about two more Dutch ships. They are the 1100 ton Arinus Marinus and the 496 ton Vice Admiraal Rijk wrecked respectively near and on Christmas Island in 1821 and 1852. About the latter we have already written in our previous blogs, but not of the Arinus Marinus!

The Arinus Marinus

After the 1814 Treaty of Paris, Rotterdam merchants bought British ships and used them in the Dutch fleet to the Indies. The Arinus Marinus was one of these vessels, an English frigate, built in 1803 and named the Ceylon. It was purchased in 1815 by a Rotterdam shipping company. In this capacity the Arinus Marinus was taken to the Indies in 1816 for among others the trade in tea.

Photo 1

Photo 1: The Arinus Marinus as shown on a song sheet. This song is about the wrecking of the Arinus Marinus.

In 1821 the ship was loaded in Batavia for a return trip to Rotterdam. The winds took it close to Christmas Island with fatal consequences for the 200 on board, except for four of her crew. These four people floated on a piece of wood until they were found and rescued by the crew and captain of the Danish ship the Souvereign.

The Arinus Marinus had a very special cargo on board: a natural collection intended for the Museum van Naturalien in Leiden. This collection consisted of 15 boxes. Amongst these were:

  • 5 boxes that were full of stuffed animals,
  • two boxes had prepared hides and skins,
  • 4 boxes were full of skeletons,
  • 3 boxes were filled with minerals and rock samples.
  • Also on board were 36 different plants from Java for the botanical garden in Leiden.
  • a black tiger
  • and an elephant!

Photo 2 Photo 3: Loading all the gear for diving!


We finished the survey on Thursday so on Friday and we started diving to identify magnetic anomalies! All the planning, survey, analysis and preparation now culminates in a few dives over the coming days when we hope to see something that nature does not produce :a straight line! Nature is glorious, but humans construct materials with straight lines, be it anchor stocks, cannons, or other artefacts. The appearance of a straight line in the coral is a wonderful tell-tale that some cultural material lies below. While nature does not necessarily make straight lines underwater, when it breaks up, coral can result in the appearance of straight lines. Large plate coral literally abounds in the area we are diving. This coral can form a short straight edge when broken, periodically enough to get your heart racing before hopes are dashed.


Photo 3: Me proceeding down the shot line.


Photo 4: We drop a shot line at the anomalies and from there we do circular searches up to 30 meter.

We also dived on the MV Eisvold and the Nissei Maru (both WWII shipwrecks) to take corrosion measurements.


Photo 5: Drilling and taking the corrosion measurements at the Nissei Maru.


Photo 6: The wreck of the MV Eisvold is a beautiful spot to dive!

 On Tuesday we will leave for Cocos Keeling Islands so hopefully we will be able to dive on all the locations the magnetometer gave us some abnormal reading!

Betrokkenheid van de online gemeenschap en duiken

Read this blog in English

De enorme betrokkenheid van leden van de internationale online gemeenschap is cruciaal geweest voor de vooruitgang die we met het Fortuyn-project hebben geboekt. Thomas Creemers heeft informatie vanuit Nederland opgestuurd en leverde hiermee een geweldige bijdrage: de lijst met scheepswrakken is nu verder uitgebreid en hetzelfde geldt voor de activiteiten van het team op Christmas Island.

Tot voor kort zag de lijst met schepen die waarschijnlijk schipbreuk hadden geleden op en rond Christmas Island er als volgt uit: de Fortuyn (1724), een onbekend Nederlands scheepswrak (daterend van voor 1744), het Noorse schip de MV Eidsvold (1942), het Japanse schip de Nissei Maru (1942), de Indonesische vluchtelingenboten SIEV X (2001) en SIEV 221 (2010), en het in Panama geregistreerde MS Tycoon (2012).

Thomas heeft het team een schat aan informatie gestuurd over twee andere Nederlandse schepen: de Arinus Marinus met een gewicht van 1100 ton en de 496 ton wegende Vice Admiraal Rijk die respectievelijk vlakbij en op Christmas Island vergaan zijn in 1821 en 1852. De Vice Admiraal Rijk is in onze vorige blogs al aan bod gekomen, dus nu is de Arinus Marinus aan de beurt!

De Arinus Marinus

Na het Verdrag van Parijs van 1814 namen Rotterdamse handelaren Britse schepen over om deze in te zetten voor de Nederlandse koopvaardijvloot die op Indië voer. Een van deze schepen was de Arinus Marinus, een Engels fregat dat was gebouwd in 1803 en oorspronkelijk de Ceylon heette. Het schip werd in 1815 gekocht door een Rotterdamse scheepvaartmaatschappij. De Arinus Marinus voer in 1816 naar Indië en werd daar onder andere gebruikt voor de theehandel.

Photo 1

Foto 1: Afbeelding van de Arinus Marinus op de bladmuziek. Dit lied gaat over de schipbreuk van de Arinus Marinus.

In 1821 werd het schip beladen om vol goederen terug te varen naar Rotterdam. De wind dreef de Arinus Marinus vlak langs Christmas Island, met fatale gevolgen voor vrijwel alle 200 bemanningsleden – slechts vier mannen overleefden de schipbreuk. Vastgeklampt aan een stuk hout dreven deze vier rond op zee, totdat ze werden gered door het Deense schip de Souvereign.

De Arinus Marinus had een hele bijzondere lading aan boord: een collectie natuurvoorwerpen die bestemd was voor het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie (het huidige Museum Naturalis) in Leiden. De lading bestond uit 15 kisten, met daarin onder meer:

  • 5 kisten vol opgezette dieren,
  • twee kisten met geprepareerde huiden en vellen,
  • 4 kisten met skeletten,
  • 3 kisten vol mineralen en steenmonsters.
  • 36 verschillende planten uit Java voor de Hortus botanicus in Leiden,
  • een zwarte tijger
  • en een olifant!

Photo 2Foto 3: Bezig met het laden van alle duikapparatuur!


Op donderdag waren we klaar met de metingen, dus op vrijdag zijn we begonnen met duiken om de magnetische afwijkingen op te sporen! Na alle planning, metingen, analyses en voorbereidingen komt het nu aan op de duiken die we de komende dagen gaan uitvoeren. Daarbij hopen we dat we iets te zien krijgen wat de natuur normaal gesproken niet voortbrengt: een rechte lijn! De natuur is geweldig, maar wij richten ons op door mensenhanden gemaakte materialen met rechte lijnen: ankerstokken, kanonnen en andere archeologische voorwerpen. Als er een rechte lijn in het koraal te zien is, betekent dit vaak dat er cultureel materiaal onder ligt. De natuur maakt namelijk geen rechte lijnen onder water, maar als er een stuk van het koraal afbreekt, ziet het er behoorlijk recht uit. Groot plaatkoraal is letterlijk overvloedig aanwezig in het gebied waar we aan het duiken zijn. Dit koraal kan een korte, rechte rand vormen als het afbreekt, waardoor je hart van spanning soms even overslaat voordat de hoop op een schitterende vondst opnieuw de bodem in wordt geslagen.

DCIM100GOPROGOPR3506.Foto 3: Hier zie je mij omlaaggaan langs de afdaallijn.


Foto 4: We laten een afdaallijn zakken op de plek van de afwijkingen en vanaf daar duiken we in cirkels tot een diepte van 30 meter.

We hebben ook gedoken naar de MV Eidsvold en de Nissei Maru (twee scheepswrakken uit W.O. II) om corrosiemetingen uit te voeren.


Foto 5: Boren en corrosiemetingen uitvoeren op de Nissei Maru.


Foto 6: Het wrak van de MV Eidsvold is een prachtige duikplek!

 Op dinsdag vertrekken we naar Cocos Keeling Islands. Hopelijk kunnen we duiken op alle locaties waarvoor de magnetometer abnormale waarden heeft aangegeven!