Tagarchief: scheepswrak

Duiken bij rijksmonument Burgzand Noord, week 2: meerdere wrakken geïnspecteerd

De eerste taak van de nieuwe week was het inspecteren van de BZN 17 na de werkzaamheden die we daar vorige week hadden uitgevoerd.

In het weekend had de afdekking al behoorlijk wat zand ingevangen. Hierdoor waren enkele delen van het net verdwenen onder het sediment. Door het steigergaas op te kloppen, zakt het zand door de mazen, waardoor het weer nieuw zand kan invangen. Al met al lag de afdekking  er nog erg goed bij. Komende vrijdag gaat de laatste duik van het project weer plaatsvinden op deze locatie, om opnieuw de netten op te kloppen.

Op dinsdag werd bij het eerste tij de BZN3 geïnspecteerd. In 2013 is in het kader van het RCE project TOPSITES de bestaande afdekking gerepareerd.

bzn3multibeam
Multibeam opname van de BZN3 vindplaats, gemaakt in 2013 (RCE)

In 2014 heeft de laatste duikinspectie door de RCE plaatsgevonden. Sportduikers hadden gemeld dat delen van deze nieuwe afdekking rondom de ankers kapot waren en dat er spanten uit het zand staken. De meest recente multibeam sonar opname, uitgevoerd in opdracht van de Provincie Noord Holland, leek dit te bevestigen.

Gelukkig bleek het grootste deel van de nieuwe afdekking nog goed te liggen. De mast lag nog helemaal onder het zand, maar een deel van het boord stak inderdaad door de netten. Ook in het zuiden, waar het voorschip ligt, staken nu constructiedelen uit het zand. Op deze locatie is onderhoudswerk dus ook noodzakelijk.

In de middag is de BZN 4 geïnspecteerd. Dit wrak, een westindiëvaarder uit begin achttiende eeuw, is in 2005 voor het laatst bedoken door de RCE. Het schip was onder andere geladen met vaten koffiebonen. Na het laatste waarderend onderzoek in 2001, waarbij een aantal proefsleuven zijn gegraven, is deze vindplaats afgedekt met steigergaas. Enkel de achtersteven, die nog volledig in verband zat, stak nog ruim twee meter uit de zeebodem.

Delen van een boord, die nooit zijn afgedekt, waren in de afgelopen tien jaar flink aangetast. Er was bijna een halve meter hout verdwenen. Opvallend genoeg stak de achtersteven nog ongeveer net zo ver uit het zand, zelfs de meetspijker en het meetpunt zaten er nog op. De rest van de afdekking lag er, op een aantal gaten na, nog goed bij. Omdat het zicht onderwater aanhoudend goed blijft, schiet het werk op.

Tot nu toe blijkt wel dat er de komende jaren onderhoudswerk aan zit te komen voor een aantal wrakken binnen dit rijksmonument. Met de resultaten van dit veldwerk wordt een plan opgesteld hoe dit moet worden uitgevoerd.

Thijs Coenen, maritiem archeoloog RCE

Scheepswrakken voor de kust van Suriname

De Tweede Wereldoorlog wordt in het Caraïbisch gebied gekenmerkt als een oorlog waarbij voornamelijk op zee werd gevochten. De Duitsers probeerden met operatie Paukenschlag de goederen toevoer, en met name de toevoer van grondstoffen, stop te zetten. Ook vrachtschepen uit Suriname werden slachtoffer van deze operatie. Een van de schepen die slachtoffer werd van de Duitse onderzeeboten was de Frank Seamans, een meer dan honderd meter lang Noors vrachtschip die met een lading bauxiet vanuit Suriname onderweg was naar Trinidad.

In het kader van mijn thesisonderzoek heb ik samen met het personeel van de Kustwacht van Suriname, de RCE en enkele duikers verkenningstochten gemaakt om het wrak van de Frank Seamans te zoeken die voor de kust in de Atlantische Oceaan moet liggen. Helaas konden wij niet achterhalen waar het schip was, omdat de posities niet nauwkeurig genoeg waren. Er is geprobeerd met de dieptemeter van het schip alsnog een indicatie te krijgen van de locatie, maar dat leverde niet veel resultaten op. De plek, 50 km uit de kust is ongeveer 30 meter diep, maar helaas ook nog altijd zeer modderig. Er is dus geen zicht onderwater maar wel een forse stroming. Daarom hebben we uiteindelijk besloten om niet te gaan duiken. De risico’s waren te groot.

Crew verkleind
De crew waarmee de verkenningstochten zijn gemaakt

Naast de Frank Seamans waren ons nog drie posities van scheepswrakken doorgegeven. Echter alleen de posities, dichter bij de kust en op ongeveer 10 meter diepte, waren bekend. De bemanning van het schip van de Kustwacht kon ons niet dicht in de buurt brengen, omdat niet bekend was hoe groot de wrakken waren, hoe exact de posities die bij ons bekend waren zijn en hoever deze boven de bodem uitsteken. Er waren dus grote risico’s dat het schip in aanvaring zou komen met een van de wrakken. Dit was al reeds met het ons begeleidende schip gebeurd. Daarbij was het water hier nog donkerder en onstuimiger. Netten kunnen verstrikt raken in de wrakken en  daardoor ontstaan levensgevaarlijke situaties. Ook hier dus weer een no-go wat duiken betreft. Al met al wel een teleurstelling maar we hadden dit risico ingecalculeerd. We gingen er op uit om ervaring op te doen en we hebben dit opgezet om te kijken hoe we in de toekomst projecten kunnen oppakken met onze partners.

Het is ons duidelijk geworden dat de samenwerking tussen de Anton de Kom Universiteit, het Ministerie van OWC, de Kustwacht en de Maritieme Autoriteiten Suriname (MAS) onontbeerlijk is. Ten eerste is nog maar heel weinig bekend over de wrakken voor onze kust. Sommigen hiervan zullen mogelijk een archeologische waarde hebben, maar vormen zeker ook een obstructie voor de huidige scheepvaart. Het in kaart brengen hiervan, waarbij een exacte positie, grootte en diepte van iedere obstakel wordt opgemeten is dus geen overbodige luxe. Dit zou bijvoorbeeld doormiddel van surveys met een side scan sonar al kunnen gebeuren.

Ook zou de opslag en het beschikbaar stellen van data die bij andere onderzoeken wordt verzameld (bijvoorbeeld bij onderzoeken naar olie) kunnen helpen om een beter inzicht te krijgen in de zeebodem. Direct aan dit onderzoek zou cultuurhistorisch onderzoek gekoppeld kunnen worden. Met exacte posities en side scan sonar beelden kunnen al indicaties van de aard van de vindplaatsen worden gegeven. Het combineren van onderzoek levert dus een hoop synergie en waarschijnlijk veel winst op wat betreft de inzet van geld en middelen. De komende tijd zullen de nieuwe partners in het maritiem onderzoek in Suriname de handen ineen gaan slaan om de ideeën ook echt gestalte te gaan geven.

Dharwiendre Rambharosa 

Suriname in de Tweede Wereldoorlog: hoe materiële resten het verhaal vertellen

Mijn bachelors thesis gaat over Suriname tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het land was toen zo belangrijk vanwege de levering van bauxiet aan de geallieerden. Bijna 60 procent van het door de Aluminium Company of America (AlcoA) gebruikte bauxiet was afkomstig uit Suriname. Aluminium was van essentieel belang voor het vervaardigen van de broodnodige oorlogsvliegtuigen.

Met de operatie Paukenschlag probeerde Duitsland de zeeroute voor transport van onder andere dit bauxiet van het Caraïbisch gebied naar de Verenigde Staten van Amerika (VS) te blokkeren. De  Verenigde Staten van Amerika paste verschillende defensieve maatregelen in het Caraïbisch gebied toe om de transport van onder andere bauxiet te garanderen. In Suriname werden ook verschillende maatregelen genomen om de bauxietvelden te beschermen. Enkele van die maatregelen  waren het aanleggen van bunkers, een vliegveld en een blimpveld. Een blimpveld werd gebruikt om zeppelins (blimps) te laten opstijgen die naar zee werden gestuurd voor de bewaking van de Surinaamse wateren. Ook werd het leger van Suriname versterkt met personeel en bewapening om de bauxietvelden te bewaken. Er zijn een paar boeken geschreven over Suriname in de Tweede Wereldoorlog, maar er is maar heel weinig bekend of en hoeveel materiële resten er uit deze periode zijn overgebleven, waar deze zijn en wat de conditie daarvan is.

Blimp
Blimps (zeppelins) werden door de Amerikanen ingezet om de Surinaamse wateren te bewaken 

Voor mijn bachelors thesis breng ik de materiële resten uit de Tweede Wereldoorlog in Suriname in kaart. Ik zal de nadruk leggen op de defensieve maatregelen die werden genomen door de Verenigde Staten van Amerika – dus na 1942 –  zowel op land als op water. Maar ook de maatregelen die Nederland al eerder – tot 1942 – had genomen om Suriname militair te beschermen. Het doel van het verkennend onderzoek is om een begin te maken met het inzichtelijk krijgen van de locaties als ook de mogelijke cultuurhistorische waarde van deze materiële resten. Daarnaast wordt bekeken op welke manier er meer gevoel en waardering opgewekt kan worden voor dit materiële erfgoed.

Wat we nu weten is dat de oude forten Nieuw Amsterdam en Purmerend werden hergebruikt en herbewapend ter verdediging van de kust van Suriname. Deze twee forten moesten de zeeroute van de Atlantische oceaan naar de Suriname rivier bewaken. Er liggen ook enkele scheepswrakken uit deze periode in onze wateren. Een van deze is het Duitse handelsschip de Goslar, die opzettelijk door haar bemanning is afgezonken in de Suriname rivier. Doordat zij deels boven het water uitsteekt vormt het een markant punt in de rivier.

het geschut op Nieuw Amsterdam diende ter verdediging van  al het vijandelijke dat vanaf de oceaan de Suriname rivier op voer
Het geschut op Nieuw Amsterdam diende ter verdediging van al het vijandelijke dat vanaf de oceaan de Suriname rivier op voer

Verderop, in zee ligt een Noors scheepswrak: de Frank Seamans. Dit schip is met een lading bauxiet op weg naar Trinidad getorpedeerd door de U-162, een Duitse onderzeeër die de Surinaamse kust patrouilleerde. We gaan de komende dagen dit wrak proberen te lokaliseren.

Dharwiendre Rambharosa 

Laatste blog: bevindingen Burgzand Noord 17

Na twee weken duiken zit het werk er voor de onderzoekers op. Deze week is er veel werk verzet om alle data te verzamelen, zodat de onderzoeksvragen beantwoord kunnen worden: het inmeten van objecten d.m.v. triangulatie, detailtekeningen maken van constructiedelen en het nemen van monsters om aantasting te kunnen onderzoeken en het wrak te kunnen dateren. Alhoewel het weer in deze laatste week tegenviel (tot windkracht 6/7 en veel regen) werden we onverwacht getrakteerd op goed zicht in de Waddenzee: in plaats van gemiddeld 50 cm, was dat nu opeens meer dan 3 meter! Hierdoor is er goed beeldmateriaal beschikbaar, om van enkele scheepsonderdelen later een 3D reconstructie te kunnen maken.

Om te kijken of de beelden goed genoeg waren voor dit doel, is er deze week al een snelle reconstructie gemaakt van de pompkokers. Ondanks de lage resolutie waarop ze verwerkt zijn, is het model al redelijk bruikbaar. De komende tijd zullen andere onderdelen van het schip verwerkt worden, zoals het anker, de grote mast, dekbalken en knieën, en een kanon met rolpaard.

BZN 17 2015 Pompkokers 3D model

Tussen alle werkzaamheden door zijn op woensdag medewerkers van de gemeente Texel, het maritiem museum van Texel en museum Kaap Skil samen met de sportduikers op bezoek geweest op de onderzoekslocatie. Tijdens dit korte bezoek kregen zij een indruk hoe een dergelijk onderzoek wordt uitgevoerd. De lokale sportduikers van Texel zijn hiernaast nog een aantal keer langs geweest, om hun bevindingen van dit zeer bijzondere wrak met ons te delen.

DSC_2632

De voorlopige resultaten van het onderzoek zijn als volgt: het lijkt het erop dat de BZN 17 een middelgroot tot groot, goed bewapend handelsschip was. De restanten hiervan zijn nog zeer goed bewaard gebleven, omdat het schip snel in de bodem is ingezand. De onderzoekers vonden aan de oppervlakte van de zeebodem constructiedetails die duiden op het eerste dek. Dat houdt in dat het ruim vermoedelijk nog goed bewaard in de zeebodem bewaard is gebleven.

L1220829

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de gemeente Texel zullen de resultaten van dit onderzoek gebruiken om samen een strategie te bedenken hoe dit bijzondere scheepswrak behouden kan worden voor de toekomst. Deze bijzondere archeologische vindplaats bevestigt namelijk nogmaals de grote archeologische rijkdom die dit rijksmonument voor de kust van Texel heeft.

Johan Opdebeeck en Thijs Coenen

DSC_2552

Onderwaterarcheologie op de Rede van Texel

Nederland is trots op zijn verleden als zeevarende natie en zeker ook Texel heeft een rijk maritiem verleden. Tijdens de Gouden Eeuw lagen op hoogtijdagen soms wel meer dan honderd schepen voor anker op de beroemde Rede van Texel die zich uitstrekte langs de oostkant van het eiland. Soms waren dat schepen van VOC of WIC, of ook wel schepen van de Admiraliteiten, maar vooral waren het schepen van talloze particuliere reders die in allerlei samenwerkingsverbanden actief waren. 

Omdat dergelijke schepen vaak te veel diepgang hadden om geladen over de ondiepe Zuiderzee te varen naar steden als Amsterdam, Hoorn of Enkhuizen, ankerden ze op het diepe water bij Texel. Dáár werden ze geladen en gelost en lagen ze te wachten op geschikte wind om uit te zeilen. In het algemeen lagen de schepen achter het eiland veilig en beschut, maar soms kon het toch opeens ernstig misgaan.

Nederlandse_schepen_op_de_rede_van_Texel;_in_het_midden_de_'Gouden_Leeuw',_het_vlaggeschip_van_Cornelis_Tromp_Rijksmuseum_SK-A-8.jpeg
Nederlandse schepen op de rede van Texel; in het midden de ‘Gouden Leeuw’, het vlaggeschip van Cornelis Tromp (Rijksmuseum)

Een ‘rede’ is te definiëren als een door de natuurlijke gesteldheid min of meer beschutte ankerplaats voor schepen vóór of op korte afstand van een kust. In dat ‘min of meer’ zit het venijn. Periodiek kon het vreselijk stormen met een kracht en/of windrichting waarbij het eiland onvoldoende beschutting kon bieden. Zo zijn er stormen bekend waarbij in één enkel noodweer tientallen schepen tegelijk zijn vergaan. Een beruchte storm is die van Kerstnacht 1593. Volgens historische vermeldingen zijn die nacht 44 schepen vergaan en lagen de stranden tot op grote afstand bezaaid met verdronken zeelieden, stukgeslagen scheepsresten en verloren goederen. Nóg rampzaliger was de storm van 18 op 19 december 1660. Toen het ’s-avonds donker werd lagen er 155 schepen op de rede, maar de volgende morgen werden er nog slechts 38 geteld. Het is onwaarschijnlijk dat veel van de ontbrekende zeilschepen zich in veiligheid hebben kunnen brengen. Bij elkaar zijn er van de vijftiende tot en met de achttiende eeuw vele, soms zeer heftige stormen geweest en optelling van alle stormen met daarbij ‘bekende’ of geschatte aantallen verloren schepen leidt voor dit gebied tot een vermoed totaal van tenminste 500, maar minder dan 1000.

Foto: Paul Voorthuis/Highzone.nl
Foto: Paul Voorthuis/Highzone

Van die schepen worden nu de wrakresten teruggevonden door vissers en sportduikers. De afgelopen drie decennia zijn enkele van die ontdekte wrakken onderzocht door professionele onderwaterarcheologen van de rijksdienst. Om wat voor wrakken gaat het en hoe liggen ze er nu bij? Wat is het onderzoekspotentieel en wat zijn de bedreigingen? Dat zijn zo de vragen waarmee de onderwaterarcheologen aan de slag gaan. Zo nu ook op wrak Burgzand Noord 17.

Arent Vos

Uitgelichte foto: Paul Voorthuis/Highzone.nl

Dag 3: Het wrak begint haar geheimen prijs te geven

Vandaag niet zoals aangekondigd een blog over de maritieme geschiedenis van de Rede van Texel. Er is namelijk goed nieuws:  eindelijk…het  weer is verbeterd, net als het zicht onderwater.

Verwacht er niet teveel van: 50 centimeter zicht is op dit moment al zeer goed!….. Maar het zorgt ervoor dat de werkzaamheden een stuk sneller gaan. Daarnaast is het ook fijn om na de duik op het dek in de zon te kunnen bijkomen.

PKV20140820-RCE-8770-web
Foto: Paul Voorthuis/Highzone.nl

Het wrak geeft steeds meer geheimen prijs, en na de eerste twee dagen leert iedereen het wrak steeds beter kennen. Onder een dunne laag zand bevinden zich nog onaangetaste delen van de scheepsconstructie. Hoger opstaand constructiehout is aangetast door de paalworm. Langzamerhand ontstaat een beeld door het doen van metingen en observaties van de archeologen. Van alles worden tekeningen gemaakt, discussies vinden plaats over de functie van nieuw ontdekte delen van het schip en haar lading.

PKV20140820-RCE-8749-web
Foto: Paul Voorthuis/Highzone.nl

Zo zijn er delen van de kombuis (keuken) en een aantal pompkokers (om lenswater uit het schip te kunnen pompen) aangetroffen. Later deze week gaan we proberen om de eerste videobeelden van deze scheepsonderdelen te kunnen opnemen. Morgen meer over een paar bijzondere gasten bij het project.

Morrisson van der Linden, Thijs Coenen

Uitgelichte foto bovenaan: Paul Voorthuis/Highzone.nl

Duikteam gestart met verkenning 17e eeuws wrak (Burgzand Noord: dag 1 & 2)

Op maandagochtend om 7.30 uur startte het project, we voeren weg uit de haven van Den Oever om op Texel de andere teamleden op te halen. We zijn deze week met acht man: naast Nederlandse archeologen en studenten duiken deze week collega’s mee uit België en IJsland. Later deze week zullen de verschillende teamleden zichzelf voorstellen.

De komende twee weken duiken we op het wrak de Burgzand Noord 17. Vorig jaar hebben maritiem archeologen van de Rijksdienst een dag gedoken op het wrak, uit dat onderzoek bleek het om een (waarschijnlijk) Nederlands wrak uit de 17e eeuw te gaan (http://cultureelerfgoed.nl/nieuws/bijzonder-scheepswrak-in-waddenzee-verder-onderzocht).

Op de eerste dag is het wrak gelokaliseerd en hebben de teamleden een eerste verkenning uitgevoerd. De sterke getijdenstroming en het slechte zicht zorgden voor lastige duikomstandigheden, waardoor het lastig oriënteren is.Vandaag heeft iedereen zich verder georienteerd op de site. Daarnaast zijn de eerste meetpunten geplaatst en ingemeten.

De eerste bevindingen na twee dagen onderzoek zijn dat het wrak meer lijkt aangetast dan in 2014, terwijl het momenteel ook meer bedekt is met zand. Ook zijn er verschillende dekbalken gebroken en dekplanken verdwenen. Waarschijnlijk is het verzanden dus pas recent gebeurd en heeft de BZN 17 langere tijd onbedekt vrij gelegen, waardoor de paalworm en stroming hun gang hebben kunnen gaan.

Morgen meer over de rijke maritieme geschiedenis van de Waddenzee.

Morrisson van der Linden

Thijs Coenen

Duiken in de Waddenzee: archeologisch onderzoek naar een rijksmonument onderwater

Vanaf vandaag kun je onze blog volgen over het archeologisch onderzoek bij Burgzand Noord. Dit gebied is sinds 2013 een rijksmonument. In dit deel van de Waddenzee bevinden zich meer dan een dozijn bekende en vaak goed bewaarde scheepswrakken uit de 17de en 18de eeuw. Maritiem archeologen van het Maritiem Programma van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed doen van 17 tot en met 28 augustus onderzoek naar de Burgzand Noord 17: een bijzonder scheepswrak ten oosten van Texel.Met dit onderzoek hopen we meer te weten te komen over dit recent ontdekte wrak en de conditie ervan. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, de gemeente Texel en Rijkswaterstaat bekijken hoe deze gaaf bewaarde en belangwekkende archeologische vindplaats beter beschermd en beheerd kan worden. 

Al tientallen jaren worden de wrakken binnen het rijksmonument met behulp van de nieuwste technieken gemonitord en waar mogelijk beschermd. Dit gebeurt dan door de wrakken af te dekken met een beschermende laag en door jaarlijks de veranderingen rondom de wrakken in de gaten te houden, zodat snel ingegrepen kan worden mocht de bescherming in gevaar zijn. De wrakken worden bedreigd door natuurlijke degradatie, maar ook door illegale opgravingen.

De laatste jaren worden er tussen de bestaande (bekende) wrakken steeds meer nieuwe scheepswrakken ontdekt. Doordat ze diep zijn ingegraven in de waterbodem kunnen zelfs goed bewaarde scheepswrakken decennia en soms zelfs eeuwenlang verborgen blijven. Het wrak dat nu wordt onderzocht werd ook later ontdekt: in 2010 maakten sportduikers melding van de vondst. Archeologen vermoeden dat het om een 17e eeuws schip gaat, mogelijk van Nederlandse herkomst.

Uniek onderwater erfgoed bij Texel

Burgzand Noord is een gebied dat ten oosten van Texel ligt in de Waddenzee. Het was vroeger het centrum van de beroemde Rede van Texel. Hier gingen 300 jaar lang (tussen 1500-1800) schepen voor anker om geladen en gelost te worden voor de haven van Amsterdam. Ondanks de beschutting die het eiland bood tegen de noordwestenwind, zijn er door de eeuwen heen vele schepen vergaan. Het is dan ook een plek van groot archeologisch belang.

Foto bij persbericht Burgzand Noord Texel
Tijdens werkzaamheden bij Burgzand Noord in 2014 werden diverse methoden en technieken verkend en toegepast om te onderzoeken hoe de wrakken (verder) fysiek beschermd kunnen worden

Samen verantwoordelijk

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed wil dat het maritiem erfgoed onderwater goed beheerd en beschermd wordt, net als al het andere culturele erfgoed van Nederland. Door decentralisatie van de erfgoedzorg zijn gemeenten vaak de eerst verantwoordelijken om beleid te voeren dat deze zorg waarborgt. Dit is niet altijd eenvoudig, zeker omdat er nog geen traditie bestaat in het beheer van het onderwater erfgoed bij andere overheden of instanties dan het Rijk. Daarom is besloten om vanuit de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed tijdelijk extra steun te verlenen bij het maken van beleid en opzetten van dit beheer. Vanuit het Maritiem Programma worden gemeenten en andere beherende instanties ondersteund met kennis en advies om dat mogelijk te maken.

Dit is de introductiepagina voor de reeks blogs die geschreven gaat worden door de maritiem archeologen die op deze site onderzoek doen. Je kunt deze blogs vanaf morgen hier lezen. Nu al meer lezen over erfgoed onderwater en de Waddenzee? Bekijk de publicaties in de e-Bibliotheek van de Rijksdienst: http://publicaties.cultureelerfgoed.nl/publicaties?tekst=Waddenzee.